'Ik laat het gebeuren en volg mijn lijf'

Zowel de verloskundigen als de gynaecoloog vonden dat deze moeder in het ziekenhuis moest bevallen. De moeder zelf had daar geen goed gevoel bij en ging op onderzoek uit. Met 35 weken stapte ze over naar een andere verloskundigenpraktijk. En uiteindelijk beviel ze heel relaxt - zonder complicaties - thuis in bad.

In februari 2018 blijk ik zwanger van ons derde kindje. Wat zijn we dankbaar dat het ons weer gegund is. Na de positieve zwangerschapstest meld ik me bewust aan bij een andere verloskundigenpraktijk dan bij de vorige zwangerschap. Omdat men van mening was dat er bij mijn vorige bevalling sprake was van een schouderdystocie werd mij destijds verteld dat een thuisbevalling bij een eventueel volgend kindje uitgesloten was. Omdat ik de vorige bevalling niet spannend vond en deze keer weer graag thuis wil bevallen ga ik samen met mijn man op intake bij een praktijk waar meer ‘ruimdenkende’ verloskundigen werken. De twee dames van die praktijk nemen uitgebreid de tijd om ons verhaal en onze wensen aan te horen. We laten tevens de bevallingsfilm van de vorige keer zien. Na de intake wordt ons het advies gegeven om in het ziekenhuis te bevallen, met de mogelijkheid om dat met hen als verloskundige(n) te doen. Ik leg me erbij neer dat een thuisbevalling blijkbaar niet verantwoord is. 

Tijdens een consult bij de gynaecoloog wordt dat beeld bevestigd. Ze wijst ons op de risico’s en de meer veilige omgeving van het ziekenhuis in geval er weer een schouderdystocie optreedt. We komen gezamenlijk tot een plan van aanpak. Een poliklinische badbevalling met eigen verloskundige, preventief een OGTT tussen 24 en 28 weken om zwangerschapsdiabetes uit te sluiten (wegens veel aankomen tijdens de vorige zwangerschappen én de bovengemiddelde geboortegewichten), dieet om proberen minder aan te komen en monitoring van de groei middels oa groeiecho’s bij 32 en 36 weken. 

In week 27 wordt de OGTT gepland en ik merk dat het weerstand oproept bij mij. Ik ben ervan overtuigd dat er ook deze keer geen sprake is van zwangerschapsdiabetes. Bovendien let ik goed op mijn voeding en is mijn gewicht onder controle. Ik bespreek mijn twijfels met de verloskundige en besluit uiteindelijk toch de OGTT te doen met als doel de tweede lijn op afstand te houden. De uitslag was, zoals verwacht, goed. 

In de weken die volgen komt steeds vaker de vraag bij me naar boven waarom ik niet thuis mag bevallen. Ik merk dat dat nog steeds mijn voorkeur heeft. Het idee dat ik in het ziekenhuis moet bevallen roept veel onrust bij me op. Ik bespreek mijn gedachten en gevoel met de verloskundige. Steeds duidelijker wordt dat ik me niet goed voel bij de plaatindicatie van het ziekenhuis. Ik verdiep mij in de complicatie schouderdystocie (oorzaken, prevalentie, hoe te handelen wanneer zich het voordoet, etc). Er heerst veel angst rondom deze complicatie (en in mijn ogen rondom de geboortezorg in het algemeen). Met alle informatie probeer ik voor mezelf af te wegen waar ik me goed bij voel. Ratio en gevoel raken daarbij met elkaar in strijd. Mijn gevoel blijft sturen op een thuisbevalling. Maar als zoveel zorgverleners mij het medische advies geven om in het ziekenhuis te bevallen, is mijn wens dan toch onveilig en onverantwoord? Ik zoek verloskundigen die bekend staan om het werken buiten de richtlijn/protocollen en deel daarmee mijn situatie en we wisselen van gedachten. Daarnaast heb ik verschillende gesprekken met mijn eigen verloskundigen. Ik probeer zoveel mogelijk informatie te verzamelen. Het is een emotionele achtbaan, waarbij het veel vraagt om bij mezelf te blijven en niet mee te gaan in de angst die meermaals toch wordt aangeraakt. Uiteindelijk kom ik tot de conclusie dat ik me het meest prettig en veilig voel bij een thuisbevalling. Vanaf het moment dat ik de keuze maak merk ik direct rust in mijzelf. Dat bevestigt mijn keuze. 

Door alle gesprekken die ik heb gehad kwam ik erachter dat men verplicht is om mij het medische advies van de plaatsindicatie te geven, volgens de richtlijn. Maar er zijn verloskundigen die ondanks dat medische advies op mijn verzoek een thuisbevalling willen en durven begeleiden. Samen met mijn verloskundigen gaan we op zoek naar een verloskundigenpraktijk die aan mijn wens kan voldoen, ik ben dan 32 weken zwanger. Ik heb vertrouwen dat dat gaat lukken. Wanneer ik 35 weken zwanger ben heb ik een intake bij een praktijk en dat voelt direct goed. Mijn visie sluit naadloos aan bij die van hen. Zij bekijken de film van mijn vorige bevalling, kennen mijn anamnese en mijn wensen. Waar anderen voelbaar angstig zijn en veel in termen van risico’s praten, is dat nu niet het geval. Het geeft me zóveel vertrouwen. We besluiten onder andere om geen extra echo’s te doen. Ook dit kindje zal bovengemiddeld groot/zwaar zijn. De uitkomst van extra echo’s zal het beleid niet veranderen, de metingen zullen hooguit voor onrust zorgen bij mij. Wat een opluchting voel ik als ik de overstap heb gemaakt naar deze praktijk. Vanaf dat moment ga ik met vol vertrouwen toeleven naar de bevalling. Ik heb er zin in! Erg benieuwd naar de ontmoeting met dit kindje. 

image1.jpeg

In voorbereiding op de bevalling heb ik zwangerschapsyoga gevolgd, vooral om wekelijks bewust rust te nemen en aandacht te hebben voor het kindje in mijn buik. Daarnaast las ik positieve verhalen, keek ik bevallingsfilmpjes, luisterde ik muziek van mijn zelf samengestelde playlist voor de bevalling en herhaalde ik in mijn hoofd het gewenste scenario. 

De week van mijn uitgerekende datum, zaterdag 3 november, heb ik weer een controle bij de verloskundige. Ik ben geduldig. We zijn er klaar voor, maar hebben geen haast. Toch bespreken we wel vast wat te doen mocht de 42 weken grens dichterbij komen. Zij staan er voor open om langer te wachten, mits dat voor mijzelf goed voelt. Erg fijn om te horen, en ik merk dat het meteen de druk van de ketel haalt. Daarnaast bespreken we de mogelijkheid om eventueel met 41 weken te strippen. Het is goed om het vast eens te benoemen zodat ik er over kan nadenken. Echter blijkt dit alles niet nodig. 

Op woensdagavond 7 november brengen mijn en ik samen de kinderen naar bed. Mijn zoon geeft me een dikke knuffel en roept: ‘Ik kan niet wachten tot de baby er is mama!’. Ik smelt ervan. 
De nacht van 7 op 8 november word ik rond 00.00u wakker van darmkrampen. Ik ga mijn bed uit en ga op de wc zitten. Na een klein kwartier duik ik weer terug mijn bed in. Het blijft onrustig en opnieuw ga ik op de wc zitten met rommelende darmen. Ik heb een harde buik die erg lang aan blijft houden. Ik twijfel over een wee. Iets later hetzelfde gevoel en merk dat ik me moet concentreren op mijn ademhaling. Ik besluit mijn man wakker te roepen. Ik spreek uit dat ik denk dat het begonnen is. Terwijl ik dat benoem schrik ik er zelf van; hoe kan ik dat nou zeggen na twee krampen die mogelijk op weeën lijken? 

Ik vraag mijn man wat ik moet doen, het is 00.50u en ik zou het vervelend vinden als ik de verloskundige voor niks zou bellen. Bovendien is het toch normaal om eerst te wachten tot er een uur sprake is van regelmatige weeën? Ik wil meteen heel graag onder de douche, dus ik loop naar de badkamer en neem mijn telefoon mee. Op advies van mijn man bel ik dan toch de verloskundige maar. Ik verontschuldig me naar haar, voor het tijdstip waarop ik bel en de twijfel of het überhaupt aan de gang is. De verloskundige stelt me gerust (‘Je hebt anders vast wel een bank waar ik op kan liggen toch?’) en komt op haar gemak onze kant op. Het is 40 minuten rijden. Ik installeer snel een weeëntimer op mijn telefoon terwijl ik op handen en knieën de douchestraal op mijn onderrug voel. De weeën komen meteen regelmatig en ik vind ze best pittig. Er gaat van alles door mijn hoofd. ‘Dit is geen rustige opbouw, zoals de vorige keer’, ‘Dit zou weleens snel kunnen gaan’, ‘Poeh, als dit nog 8 uur gaat duren op deze manier gaat me dat niet lukken’, ‘Moet ik de kraamzorg en fotograaf al gaan bellen?’, ‘Straks beval ik hier onder de douche.’

Ik time gedurende een uur de weeën, 20 stuks, iedere 3 minuten. Een paar keer volgen twee weeën elkaar op zonder pauze, alsof de ene wee over gaat in een volgende. Ik bedenk me dan nog of dat bedoeld wordt met de zogenaamde ‘weeënstorm’. Gelukkig heb ik voornamelijk pauzes tussen de weeën, zodat ik bij kan komen. Ik probeer bij mezelf ontsluiting te voelen, maar ik heb geen idee. Ik voel niks wat ik kan plaatsen als ontsluiting. De enige houding die prettig is om de weeën op te vangen, is op handen en knieën. Tijdens een wee zak ik op mijn ellebogen en wieg met mijn heupen heen en weer. 

Terwijl ik onder de douche zit is mijn man druk aan het werk om alles te regelen; de zolder opruimen (onze slaapkamer en de plek waar het bevalbad staat), het bevalbad vullen en zorgen dat de kinderen worden opgehaald. In eerste instantie wilde hij de kindjes zelf wegbrengen naar opa en oma, maar hij besluit toch aan hen te vragen om ze te komen halen.

image5.jpeg


Rond 02.00u arriveert de verloskundige. Ze loopt door naar zolder en gaat daar spullen klaarleggen. Ik vraag aan mijn man wat ik moet doen met bellen naar de kraamzorg en fotograaf. Hij gaat overleggen met de verloskundige. Zij laat het aan mij, maar geeft als optie om even te kijken hoe het er voor staat. Ondertussen zijn opa en oma er en mijn man plukt de kinderen uit bed. De verloskundige komt bij mij in de badkamer kijken en vertellen dat het bevalbad klaar staat. Ik ga de douche uit, mee naar zolder. Eerst vang ik nog een wee op en vervolgens ga ik op bed liggen. De verloskundige toucheert en laat weten dat ik 9 cm ontsluiting heb. Ik verklaar haar bijna voor gek, ik kan het nauwelijks geloven. Mijn gevoel dat het snel gaat wordt dus bevestigd. De vliezen zijn nog steeds intact. Ik stap het bad in, maar het zit te vol naar mijn zin en ik vraag mijn man het deels te legen. Met een emmer gaat hij aan de slag. Ik bel eerst de fotograaf en daarna de kraamzorg. Het zijn korte telefoontjes waarin ik vertel al op 9 cm te zitten en de vraag of ze willen komen. Als de kraamverzorgende opneemt heb ik net een wee waardoor ik even niks zeg. Ik moet een beetje lachen om de situatie. Beiden komen onze kant op, ik vraag me af of ze op tijd gaan zijn. Ik vraag de verloskundige of we een keer naar het hartje moeten luisteren. Ze vraagt of ik sinds de weeën nog beweging heb gevoeld. Ik heb dat niet duidelijk opgemerkt. Ze luistert met de doptone en dat klinkt allemaal prima.

De weeën blijven komen en ik vraag mijn man mij te ondersteunen. Ik zit op mijn knieën hangend over de badrand en vind het prettig zijn handen stevig vast te houden. Het is een grappige situatie; enerzijds emmers water legen in het toilet en op mijn vraag weer ondersteunen bij het opvangen van de weeën. Sommige weeën vind ik minder heftig, bij andere voel ik de intensiteit duidelijk toenemen. Tussendoor ervaar ik de rust. Ik heb het gevoel dat de voortgang vertraagt. Ik merk dat ik het spannend vind, de uitdrijving komt dichterbij, hoe zal het deze keer gaan?! Ik spreek uit het spannend te vinden waarop de verloskundige me gerust stelt door enkel te zeggen dat ik het gewoon moet laten gebeuren. Rond 02.45u arriveert de fotograaf. Gelukkig, zij is op tijd. Wee voor wee vang ik op en ik voel dat het kindje steeds verder zakt. Op de top van sommige weeën voel ik wat druk. Ik laat het gebeuren en volg mijn lijf. Het wordt steeds pittiger en ik hoor mezelf af en toe grommen. Ik herken deze fase van de vorige bevalling en weet dat het einde in zicht is. Op een gegeven moment voel ik de druk toenemen en ik ga verzitten, op één knie en één voet, dat voelt logisch. Ik hoor en voel de vliezen breken, vervolgens voel ik dat het hoofdje komt en duw mee, het is niet tegen te houden. Mijn lijf wil door en ik voel met mijn handen of ik het hoofdje voel. Ondertussen blijf ik meeduwen. Ik voel dat het hoofdje al voor de helft geboren is. Ik kan geen pauze nemen, maar voel dat ik door kan gaan. Het hoofdje wordt verder geboren en snel volgen de schouders en floept het lijfje eruit. Het is dan 03.07 uur, met verwondering en opluchting hoor ik mezelf ‘wauwwww’ zeggen. 
Ik heb het kindje vast onder water en samen met mijn man zien we hoe het heel rustig lijkt te zweven in het water. In alle rust haal ik het kindje boven water en houd het tegen me aan. Na enkele seconden volgt een kort huiltje. Ik ga zitten op mijn billen en hou het kindje lekker tegen mijn borst. Ik vraag mijn man of hij het geslacht al heeft gezien, maar dat is niet het geval. Samen zien we dat het een meisje is. Wat een prachtig moment! Ze zit onder een hele dikke laag huidsmeer en heeft opvallend lange nageltjes. Ik vind haar zo klein en fijntjes, ik schat haar gewicht op ongeveer 3600 gram. 

We nemen de tijd om de navelstreng uit te laten kloppen en voor de geboorte van de placenta ga ik terug op mijn knieën zitten. Ik voel slechts een paar krampen, maar heb geen weeën. Na een tijdje biedt de verloskundige als optie aan om uit bad te komen om eventueel de buik te masseren. Ik vind dat prima, maar wil eerst nog proberen of ik met wat actiever persen de placenta kan laten komen. Ik heb het gevoel dat die wel al los is namelijk. Door nog even op mijn knieën te blijven zitten voel ik de placenta zakken en met actief persen kan ik de placenta geboren laten worden. We vangen de placenta op in een kom en laten deze nog in verbinding met onze dochter. Mijn man neemt onze dochter over, zodat ik uit bad kan komen. Terug op bed komt ze weer bij mij liggen en probeer ik haar aan de borst te laten drinken. Ze hapt vrij snel goed aan en neemt ruim de tijd om te drinken.


Na een tijdje controleert de verloskundige of ik gehecht moet worden, maar dat is niet het geval (jeej!). Daarna navelen we af en knip ik zelf de navelstreng door. Bij het wegen blijkt dat ze zwaarder is dan ik had geschat, 4130 gram, alsnog een flinke dame. 

Het bad wordt opgeruimd en ik ga douchen. Daarna vertrekt iedereen en blijven mijn man en ik samen met onze dochter achter. Een paar uur na de geboorte weten we dat onze dochter Mayra gaat heten. Welkom meisje!

Wat een fantastische bevalling!

 

image2.jpeg